Ivo Coljé

Over Ivo Coljé

Haagsch Jantje
‘In Den Haag daar woont een graaf en zijn zoon heet Jantje.’ Wie kent het niet, het liedje over de zoon van Floris V, de jonge graaf Jan I (1284-1299). Kunstenaar Ivo Coljé maakte in 1976 zijn beeltenis. Het bronzen beeld staat sinds 1981 op het schelpenpad aan de Lange Vijverberg. Met vingertje en duim wijzend naar de overkant, naar het huis van zijn vader op het Binnenhof. In de zomer van 2014 is er aan zijn voeten een natuurstenen muurtje geplaatst voorzien van uitleg in tekst en beeld over de gebouwen van de overzijde.
Coljé heeft Jan I weergegeven als vier- of vijfjarige. Op zijn hoed een pluim en aan zijn arm een mandje vol met champignons die hij in het Haagse bos plukte. De kleine, vertederende Jan lijkt zo uit het versje te zijn weggelopen. Oud is de jongen overigens niet geworden. Hij had een zwakke gezondheid en overleed toen hij vijftien was. Kort daarvoor had hij zijn vader verloren – Floris V werd in 1296 vermoord door een aantal van zijn edelen tijdens een poging hem naar Engeland te ontvoeren. Met de dood van enig kind Jan stierf het Hollandse stamhuis in rechte lijn uit. De grafelijke titel ging over naar Jan II, een neef van Jan I.
Wil je een originele Haagse Jantje soep serveren dan volgt hier het recept van Ivo Coljé.
Ingrediënten
600 gram (kastanje-)champignons inclusief eventueel cantarellen en andere champignons; een handvol gedroogd eekhoorntjesbrood; olijfolie; een teen (of twee naar smaak) knoflook, gekneusd; sjalotje, fijngehakt; bouquetgarni - tijm, peterselie - scheut witte wijn, water, peper, zout en room.
Bereidingswijze
Champignons fijn hakken. Niet alles. Een klein deel apart houden. In grote pan olijfolie, teen (of twee) knoflook en sjalotje fruiten tot ze glazig zien en dan de fijn gesneden champignons erbij. Laat rustig warm trekken en doe er vervolgens een scheutje witte wijn bij, het in water geweekte eekhoorntjesbrood en het bouquet garni.

Als de soep gaat geuren doe je de hele champignons erbij inclusief de andere tot ‘gaar naar bite’. Zout en peper toevoegen en een scheutje room. Smullen maar!