Op de schilderijen van Geert Overvliet (1939) staan mensen centraal. Van dichtbij worden ze gadegeslagen in hun bezigheden. Hun wereld lijkt onaangetast door zorgen en alledaagse beslommeringen, ver weg van de hectische moderne samenleving. Zij hebben ruimte en tijd om zich te ontspannen, binnen en buiten, met sport en muziek, op het terras en op het strand. Niets lijkt de vanzelfsprekende harmonie van hun bestaan te bedreigen. Overvliet geeft zijn personages sterk vereenvoudigd weer in grote kleurrijke volumes. Mensen en landschap worden gebruikt als figuratieve elementen in een spel van lijn en kleur. De intensiteit van de kleuren past bij het robuuste karakter van de figuren. Motieven als een vissersnet, een harp, een omheining of een vogelkooi worden interessante lineaire structuren binnen de compositie. De afstemming van beeldelementen is even belangrijk als het onderwerp zelf. Ze houden elkaar in evenwicht. Mens en omgeving worden zo, ook in picturale zin, tot een harmonieus geheel.



































































